Inhoudsopgave
In het verleden was het gebruikelijk dat kinderen werden vernoemd naar familieleden. Zo was het bijvoorbeeld een ongeschreven regel dat de eerste zoon werd vernoemd naar opa aan vaderszijde, en de eerste dochter naar oma aan moederszijde. Op die wijze konden bepaalde voornamen generatieslang binnen een familie blijven bestaan. Mijn voornamen luiden Stefan Joseph Hélène. Mijn opa aan moederzijde heette Joseph (Joep) Caenen en was bij mijn doopsel mijn peter. Vandaar dat mijn tweede voornaam Joseph is. Mijn derde voornaam heb ik te danken aan mijn oma aan vaderszijde, die meter was bij mijn doopsel.
Toen mijn oma op 18 december 1913 in het Belgische Visé werd geboren, kreeg zij van haar ouders Johannes Ludovicus Cremers (Louis) en Maria Catharina Isabella Hubertina Jongen (Annette) de voornamen Hélène Hubertine Catherine. Toen tijdens mijn genealogisch onderzoek bleek dat mijn oma op haar beurt vernoemd was naar een tante, en dat die tante weer vernoemd was naar haar tante, werd ik nieuwsgierig naar de geschiedenis van mijn derde voornaam. Ik dook in het duister van het verleden.

Een vlucht van Visé naar Nederland
Mijn genoemde overgrootouders Louis Cremers en Annette Jongen trouwden in Sint Pieter op 7 februari 1902. Mijn overgrootvader was van geboorte een Wyckenaar. Hij werd in 1878 geboren in de Rechtstraat, waar hij ook opgroeide. Mijn overgrootmoeder was een echte Sint Pieterse. In 1879 zag zij het levenslicht in Sint Pieter als dochter van het echtpaar Leonardus Hubertus Jongen en Maria Catharina Hubertina Claessens. Nadat uit het huwelijk van mijn overgrootouders in het jaar van hun huwelijk een zoon was geboren in Maastricht, verhuisde het jonge gezin naar Sint Pieter, waar in 1903 en in 1905 een zoon werd geboren.
Mijn overgrootouders verhuisden vervolgens met hun drie zoontjes naar Visé. Ook daar werden zonen geboren, namelijk in 1907 (een tweeling) en in 1908. Uiteindelijk werd in 1913 een eerste dochter geboren, mijn oma Hélène. In het daaropvolgende jaar (1914) brak de oorlog uit die we later de Eerste Wereldoorlog zouden gaan noemen. Het gevolg was dat mijn overgrootouders met hun inmiddels zeven kinderen op de vlucht sloegen, met als bestemming Nederland. In Nederland zouden nog drie kinderen worden geboren.

De vernoeming naar familieleden
Van de tien kinderen die mijn overgrootouders kregen, zouden minimaal drie kinderen vernoemd worden naar familieleden uit de Sint Pieterse familie Jongen. De naam van mijn oma, Hélène, bleek een zeer lange geschiedenis te kennen. Een geschiedenis die mij helemaal naar het jaar 1705 zou brengen. Mijn oma werd vernoemd naar haar tante Leneke, de jongste zus van haar moeder. Deze tante werd geboren in Sint Pieter op 24 augustus 1883 als Maria Helena Hubertina Jongen, en trouwde in haar geboorteplaats op 4 februari 1916 met de eveneens in Sint Pieter geboren Sebastianus Hubertus Dinjens. Leneke, de tante van mijn oma, was op haar beurt ook vernoemd naar een tante, een oudere zus van haar moeder.
Deze tante, Maria Helena Hubertina Claessens, werd geboren in Heugem op 8 augustus 1836. Maria Catharina Hubertina Claessens (de echtgenote van Leonardus Hubertus Jongen) en haar genoemde oudere zus Maria Helena Hubertina Claessens, waren kleindochters van de zeer gefortuneerde Sint Pieterse bierbrouwer Pieter Gillis Claessens senior (1768-1843) en diens eerste echtgenote Helena Degeer (ook onder meer Dejeer, Degaire en Dejaire genaamd). Maria Helena Hubertina Jongen (naar wie de tante van mijn oma is vernoemd) werd dus vernoemd naar haar oma aan vaderszijde, Helena Degeer.

Een familie uit Ternaaien
Helena Degeer, de oma van Maria Helena Hubertina Claessens, en de betovergrootmoeder van mijn oma Hélène Cremers, kwam uit een familie die in Ternaaien (Lanaye) woonde. Helena werd in Ternaaien geboren, maar werd op 24 augustus 1770 in de kerk van Lixhe gedoopt met de naam Helwidis. Haar ouders waren François (ook Franck genoemd) Degeer en Joanna Deloine. Die naam Helwidis kreeg zij niet zomaar. Zij werd vernoemd naar haar oma aan moederszijde, Helwidis le Texheur.
Oma Helwidis werd ook gedoopt in Lixhe, en wel op 10 januari 1705. De kinderen uit Ternaaien werden allemaal gedoopt in de kerk van Lixhe. Bij haar doopsel kreeg zij officieel de naam Helwigis. Als haar meter trad bij dit doopsel op een zekere Helwigis Henquet. Of deze Helwigis Henquet een familielid was, moet ik nog onderzoeken. Maar tot nu toe is Helwigis Henquet de oudst bekende ‘Hélène’ aan wie mijn oma haar naam te danken heeft. Als Helwigis Henquet niet had bestaan, dan zou mijn derde voornaam nu niet Hélène zijn.

Mijn betovergrootmoeder Maria Catharina Hubertina Claessens (1839-1924), gehuwd met Leonardus Hubertus Jongen. Haar dochter Maria Helena Hubertina Jongen werd vernoemd naar haar oudere zus Maria Helena Hubertina Claessens (1836-1885), die op haar beurt weer was vernoemd naar haar oma aan vaderszijde, Helena Degeer (1770-1810). Beeld: privécollectie Stefan Vrancken
De voornaam Leonardus
Zoals ik hiervoor al schreef, zouden minimaal drie kinderen van mijn overgrootouders vernoemd worden naar familieleden uit de familie Jongen. Buiten mijn oma waren dat haar oudere broers Leo en Nol. Leo werd op 23 november 1903 in Sint Pieter geboren als Arnoldus Hubertus Leonardus Cremers. Geheel volgens de traditie werd hij als tweede zoon vernoemd naar zijn opa aan moederszijde, de eerder genoemde Leonardus Hubertus Jongen. En ook dat bleek een naam te zijn met een lange traditie binnen de familie. Opa Leo Jongen werd namelijk vernoemd naar zijn oom aan vaderszijde, Leonardus Jongen (1795-1853), gehuwd met Maria Ida Henket.
Leonardus Jongen was een jongere broer van zijn vader Arnoldus Jongen (1791-1876), gehuwd met Maria Catharina Henket, een oudere zus van Maria Ida Henket. De naam Leonardus was in de Sint Pieterse familie Jongen terecht gekomen via de eveneens Sint Pieterse familie Moermans. De moeder van de gebroeders Arnoldus en Leonardus Jongen heette namelijk Maria Gertrudis Moermans (1758-1835). Een jongere broer van Maria Gertrudis Moermans heette Leonardus Moermans (1760-1847), en hij was op zijn beurt weer vernoemd naar zijn opa aan moederszijde, Leonardus Philippens. De in 1691 in Neerharen geboren Leonardus Philippens had ook niet zomaar die naam Leonardus gekregen. Een jongere broer van zijn vader heette namelijk Leonardus Philippens. Ook die voornaam Leonardus was dus een hele traditionele voornaam, die via voorouders uit Neerharen in Sint Pieter terecht was gekomen.
De voornaam Arnold
Een voornaam die ook via de familie Moermans in de familie Jongen terechtkwam, was de naam Arnold. De dragers van die naam werden in het dagelijks leven veelal Nol genoemd. Hiervoor kwamen we al Maria Gertrudis Moermans tegen, de moeder van de gebroeders Arnoldus en Leonardus Jongen. De vader van Maria Gertrudis heette Arnold Moermans (1718-1790). Arnoldus Jongen, de overgrootvader van mijn oma Hélène Cremers, werd dus vernoemd naar zijn opa aan moederzijde. Opa Arnold Moermans werd op zijn beurt vernoemd naar zijn eigen vader, die ook Arnold heette. Deze Arnold senior was afkomstig uit Vlijtingen, en trouwde als militair op 16 september 1703 in Sint Pieter met het Sint Pieterse meisje Catharina Bovens.
Arnold senior en Catharina zijn daarmee de stamouders van de gehele Sint Pieterse familie Moermans. Overigens was het niet alleen de familie Moermans via wie die voornaam Arnold terecht kwam in de familie Jongen. Hiervoor werden al de zusjes Maria Catharina en Maria Ida Henket genoemd, die gehuwd waren met de gebroeders Arnoldus en Leonardus Jongen. De vader van de zusjes Henket heette Arnold Henket. Arnold Henket was geboortig van Ternaaien, en werd op 27 oktober 1762 gedoopt in de kerk van Lixhe als zoon van Henricus Henket en Maria Catharina Simon. Arnold trouwde in Sint Pieter op 8 februari 1789 met de Sint Pieterse Maria Ida Blanckers. Arnold en Maria Ida werden daarmee de stamouders van de Sint Pieterse familie Henket, en zorgen er voor dat ook via de familie Henket de voornaam Arnold een populaire voornaam in Sint Pieter werd.
Mijn overgrootmoeder Annette Jongen had een oudere broer die als eerste zoon van zijn ouders naar zijn hiervoor genoemde opa aan vaderskant werd vernoemd. Arnoldus Hubertus Jongen werd op 3 januari 1867 geboren in Heugem. Toen mijn overgrootouders Louis en Annette op 10 mei 1907 de ouders werden van een tweeling, werd één van de twee zoontjes vernoemd naar zijn oom Arnold (Nol) Jongen. Deze oudere broer van mijn oma kreeg de namen Hubert Louis Arnold, maar zou door het leven gaan als Nol.

En dan hebben we ook nog Väös
Een voornaam die ook bijzonder populair werd in Sint Pieter, was de naam Servaas (Servatius). Veel dragers van die naam werden (en worden) Väös genoemd. Zelfs nu lopen in Maastricht en omstreken nog mannen met de voornaam Väös rond, en in veel gevallen ligt de oorsprong van die naam in het Maastricht van de zeventiende eeuw. Op 13 juli 1608 werd namelijk in de Sint Nicolaaskerk een zoontje gedoopt van Frans Hardy en zijn echtgenote Helwigis, van wie de familienaam vooralsnog onbekend is. Dit jongetje werd Servaas genoemd. Omdat hij waarschijnlijk de oudste zoon was, kan het zijn dat zijn opa aan vaderskant ook Servaas heette.
Servaas Hardy trouwde in de Sint Nicolaaskerk op 4 november 1631 met Agnes Blancken. Uit dit huwelijk Hardy-Blancken werd ook weer een zoon Servaas geboren (omstreeks 1645). Deze laatste Servaas kreeg met zijn echtgenote Cecilia Brocken ook een zoon Servaas. Deze laatste Servaas werd op 3 november 1680 gedoopt in de Sint Jacobskerk, samen met zijn tweelingbroertje Tossanus. Zijn familienaam werd meestal als Hardi geschreven. Toen hij vierenveertig jaar oud was, trouwde Servaas Hardi op 22 mei 1725 in de Sint Martinuskerk in Wyck met de drieëndertig jarige in Sint Pieter geboren Anna Pelsers, weduwe van Peter van den Broeck. Eén van de kinderen uit het huwelijk Hardi-Pelsers was Maria Hardi. Maria werd op 10 september 1732 gedoopt in het kerkje van Sint Pieter.
Zij vond de liefde bij een voormalige militair die in Zichen was geboren. Paulus Jongen was zijn naam. Anna en Paulus zouden de stamouders worden van de Sint Pieterse familie Jongen. Hun huwelijk werd voltrokken in Sint Pieter op 13 februari 1752. De tweede zoon uit dit huwelijk werd vernoemd naar zijn opa aan moederskant, en kreeg daarom op 26 maart 1755 bij zijn doopsel in Sint Pieter de voornaam Servaas. Servaas Jongen trouwde uiteindelijk met de eerder genoemde Maria Gertrudis Moermans. Vanaf het moment dat de voornaam Servaas in de Sint Pieterse familie Jongen terechtkwam, zou de verspreiding van deze naam binnen diverse Sint Pieterse families op grote schaal plaatsvinden.
